Overzicht van gebruikte wetsartikelen, uitspraken van de bestuurskamer van de Raad van State, de Memorie van Toelichting Omgevingswet .

Beleidsdocumenten versus juridische haalbaarheid: de status van landelijke adviesmodellen

Binnen de gemeentelijke praktijk wordt veelvuldig verwezen naar de Blauwdruk Sturen op houtstook in het omgevingsplan (KokxDeVoogd, in opdracht van IenW) en het Routeplan Houtstook van het Schone Lucht Akkoord (SLA). Deze documenten bevatten concrete voorbeeldregels, beleidsopties en modelmatige uitwerkingen voor gemeentelijke regulering van particuliere houtstook.  

Tegelijkertijd benadrukken de betrokken documenten en toelichtingen dat gemeenten zelfstandig verantwoordelijk blijven voor de juridische toetsing van de voorgestelde maatregelen. Juist binnen die zelfstandige bestuursrechtelijke toetsing ontstaan fundamentele vragen rond bevoegdheid, legaliteit, proportionaliteit, lokale onderbouwing en de verenigbaarheid met de systematiek van de Omgevingswet, de Awb en het Europese recht.


Een systematische analyse van de voorgestelde reguleringsmethodieken laat zien dat verschillende instrumenten die binnen de beleidsdocumenten worden genoemd — zoals generieke inzet van de zorgplicht of koppeling aan de Stookwijzer — binnen het huidige wettelijke kader op fundamentele juridische beperkingen stuiten.


De centrale bestuursrechtelijke vraag verschuift daardoor van beleidswenselijkheid naar juridische uitvoerbaarheid en motiveringsplicht.


Jurisprudentie Raad van State en lagere rechtbanken

Hier vindt u het overzicht van vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS) over bevoegdheidsgrenzen binnen de Omgevingswet, de APV en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Deze rechtslijnen vormen het bestuursrechtelijke toetsingskader voor gemeentelijke houtstookmaatregelen.


Moet een gemeente eerst minder ingrijpende maatregelen inzetten?


Jurisprudentie (evenredigheid nieuwe stijl)

De juridische kern

De evenredigheidstoets nieuwe stijl vereist dat minder ingrijpende maatregelen eerst aantoonbaar worden onderzocht, toegepast en geëvalueerd voordat dwingende maatregelen kunnen worden overwogen. Dit preventieve voortraject (spoor-0) vormt geen beleidsmatige keuze, maar een juridische noodzakelijkheid binnen de subsidiariteitstoets.


Rb. Noord-Nederland 30 maart 2026, ECLI:NL:RBNNE:2026:1051 – specifieke zorgplicht artikel 2.11 Bal


Hoewel deze uitspraak niet over houtstook gaat, is zij relevant voor de uitleg van specifieke zorgplichten. Handhaving is alleen mogelijk bij een evidente, onmiskenbare overtreding en wanneer voor de betrokkene voorzienbaar is wat de zorgplicht concreet verlangt. Dit ondersteunt de lijn dat de zorgplicht casusgericht kan worden toegepast, maar geen generiek normenkader biedt voor vooraf geldende stookverboden.


Rb. Limburg 7 juli 2025, ECLI:NL:RBLIM:2025:6311 – specifieke zorgplicht artikel 2.11 Bal


De voorzieningenrechter oordeelt dat handhaving op een specifieke zorgplicht alleen kan bij onmiskenbaar handelen in strijd met die zorgplicht. Onderzoeken, adviezen of aanwijzingen voor mogelijke gezondheidsrisico’s — zoals van RIVM of GGD — kunnen richtinggevend zijn, maar zijn op zichzelf onvoldoende om een toegelaten activiteit als overtreding van de zorgplicht aan te merken.

Relevant voor houtstook: factsheets, gezondheidsadviezen, WHO-richtlijnen of Stookwijzer-codes kunnen meewegen in een concrete casus, maar vormen geen zelfstandige norm voor een vooraf geldend stookverbod.


Rb. Rotterdam 14 februari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:1816 – specifieke zorgplicht artikel 2.11 Bal


Een van de eerste uitspraken over de handhaafbaarheid van de specifieke zorgplicht onder de Omgevingswet. Volgens de voorzieningenrechter kan handhaving alleen wanneer het handelen of nalaten evident, dus onmiskenbaar, in strijd is met de zorgplicht. Directe handhaving is niet gerechtvaardigd als voor de betrokkene niet redelijkerwijs voorzienbaar was wat de zorgplicht in het concrete geval vereiste.


Relevant voor houtstook: ook bij concrete hinder moet de gemeente zorgvuldig en controleerbaar onderbouwen dat sprake is van een onmiskenbare zorgplichtovertreding. De zorgplicht is geen automatische norm voor stookverboden.




ondersteunende jurisprudentie over instrumenten zonder zelfstandige normstatus zoals de Stookwijzer


Jurisprudentie

  • ABRvS 18 juli 2012 — ECLI:NL:RVS:2012:BX1811
  • ABRvS 20 april 2016 —

De juridische kern

Instrumenten zonder zelfstandige wettelijke normstatus — zoals de Stookwijzer, die functioneert als modelmatige adviestool van het RIVM — kunnen niet dienen als autonome grondslag voor handhaving of sanctionering. Zij kunnen hooguit ondersteunend worden gebruikt binnen een concrete, feitelijke beoordeling van een individueel geval.